Het zijn de laatste paar dagen van april 2025.
Mama is dan een paar dagen terug plots overleden.
De zon schijnt.
Ik veeg de plaats op de plek waar ik opgroeide.
En als ik dat doe.
Ben ik in gedachten zo een paar meter verderop.
Dan veeg ik de werkplaats en scheur ik dozen karton tot oud papier.
Als zoon hielp ik mee in het installatiebedrijf.
Ik wilde nuttig zijn en ik wilde niet dat het zou mislukken.
Kleine regeltjes uit het functieprofiel ‘heel’.
Het is een sprong van 25 jaar in de tijd.
Maar op de rand van het verlies van mijn moeder ben ik er vrijwel gelijk.
Mijn overlevingsmechanisme dat onderscheid maakt tussen mezelf en de grote mensenwereld.
Een manier uit de verbandtrommel van mijn onbewuste waarmee ik me kan onttrekken van pijn.
Gelukkig verliest dit antidotum steeds sneller kracht.
Met de bijwerkingen verbitterd en de aanklacht van niet gezien, kom ik terug bij mijn naasten.
Op dat moment had ik geen idee.
Maar achteraf weet ik dat het netwerk van verbena’s me al lang in de gaten had.
Het zijn stille getuigen, die de plek omringen, ooit gezaaid door mama.
Ze was, ze is, ze blijft een tuinliefhebber.
Ze was ook op een fijne manier chaotisch.
Met het installatiebedrijf aan huis ging sowieso alles door elkaar.
Wat het mooie karakter van mama onderstreepte.
Ik heb duizend beelden van een namiddag waarbij de auto met de achterklep open op de plaats staat.
In de kofferbak liggen 3 zakken potgrond, daarnaast nieuwe stekkies, ergens vandaan meegepikt, en de boodschappen, altijd voor één dag.
Tussen de rinkelende telefoon en de kokende aardappelen zorgde mama keer op keer voor weer een nieuw stukje leven in de tuin.
Terug naar vorig jaar, lukte het uiteindelijk best goed om ook weer in te stappen. Wel gehavend.
De tuin, die op dat moment, door een lopend project op z’n kop staat, blijkt het afgelopen jaar een waardevolle plek.
Ik start. Eerst water in de vijver. Dat doe ik. Samen met mijn vrouw en onze zonen. Voor de beplanting vraag ik hulp van een kameraad uit mijn voetbalelftal. Er komt nieuwe grond, er wordt gras gezaaid en we planten weer nieuw leven.
Aangezien mama in april overleed zat de zomer het nieuwe tuinleven letterlijk op haar hielen. Papa sproeit de avonden en ochtenden van de warme en droge zomerdagen.
Samen met mijn tante ( de jongere zus van mama ) tuinier ik tegenwoordig regelmatig.
Op alle plekken waar ik als kind, mama voorover gebogen in de tuin zag wroeten, sta ik nu zelf.
Mijn tante vertelt over de lievelingsplantjes van mama, waaronder de Verbena.
Een kleine verbena die voortkomt uit zelfzaai is net een kleine brandnetel.
En die oudere, die in de zomer bloeide, snoeide ik afgelopen maandag.
Met op de grond het nieuwe dat weer verschijnt.
Het grote verlies geeft me niet alleen pijn.
Het geeft ook de herkansingen op dichtbij.
Met de tuin, haar geduld en stille getuigen.
👉 “Herken je hoe verlies je terug kan brengen naar oude patronen? En verlang je naar een andere manier van omgaan met wat er is? Je bent welkom.”